PATIËNTEN VERHALEN

Henk Koot: ‘Houd je conditie op peil’

Voormalig politiefunctionaris Henk Koot (75) uit Koog aan de Zaan was altijd heel sportief. ‘Maar,’ zo vertelde Henk tijdens een telefonisch interview in mei 2020, ‘in mei 2017 voelde ik mij ineens snel vermoeid tijdens mijn wekelijkse revalidatieprogramma, dat ik volgde, nadat ik in 2012 een hersenbloeding had gehad. Terwijl ik over een redelijke conditie beschikte, had ik ineens grote moeite om het fitnessprogramma af te maken.’    

Een bezoek aan de huisarts volgde, die hem onderzocht en ook zijn HB controleerde. 

HB, afkorting voor: hemoglobine, is een eiwit, dat zuurstof van de longen naar andere delen van het lichaam vervoert. Als het HB te laag is, is er sprake van bloedarmoede, van een tekort aan rode bloedcellen. Dan wordt er dus minder zuurstof door het lichaam vervoerd.
Hierdoor kunnen verschillende klachten ontstaan zoals vermoeidheid, duizeligheid, hoofdpijn, hartkloppingen, zweten, slap voelen en oorsuizen.

De meest voorkomende vormen van bloedarmoede, zoals bij een ijzer- of vitaminetekort, zijn echter goed te behandelen en het herstel zal in veel gevallen niet langer dan een half jaar duren. Meestal is het effect na enkele weken al merkbaar.

Bij mannen en vrouwen ouder dan 50 jaar komt bloedarmoede vaak door een maag- of darmziekte.
Mannen hebben bloedarmoede als het HB lager is dan 8,5. 
Vrouwen hebben bloedarmoede als het HB lager is dan 7,5.

Henk: ‘Mijn HB was 8.3, terwijl ik normaal 9.5 of 10 had.’ De huisarts verwees hem door naar een internist in het ZMC (Zaans Medisch Centrum) in Zaandam, waar hij al na een paar dagen terecht kon. ‘De internist voerde onder narcose een endoscopie (kijkonderzoek) uit en ontdekte in mijn slokdarm een gezwel. Hij dacht vrijwel meteen aan een tumor en verwees mij vervolgens naar het AMC, waar ik binnen een week terecht kon. De diagnose daar was inderdaad slokdarmkanker en nog in diezelfde maand mei kon ik het behandeltraject in. Dat bestond uit 23 bestralingen, 4 of 5 chemokuren en 2 immunotherapieën.’

Bij immuuntherapie wordt gebruik gemaakt van speciale mechanismen die de kankercellen gebruiken om te vermenigvuldigen. De immuuntherapie werkt maar bij een klein deel van deze tumoren.

Henk: ‘Tijdens dit behandeltraject was ik heel vaak moe en ben uiteindelijk 13 kilo afgevallen. ‘Eén immunotherapie vond plaats tijdens de chemokuur en de tweede daarna. Na afloop van deze drie therapieën werd er een PET/CT-scan uitgevoerd.’

Een PET-CT-scan is een gecombineerd onderzoek. Je krijgt in één keer een PET-scan en een CT-scan.
Op een PET-scan kan de arts eventuele kankercellen onderscheiden van gezonde cellen.
Op een CT-scan zijn organen en weefsels heel precies te zien.
Met een PET-CT-scan is daarom goed te zien, waar in het lichaam mogelijke kankercellen precies zitten.

Henk: ‘Helaas wees deze PET-CT-scan uit dat ik een uitzaaiing van 3 mm had. En dat betekende dat mijn operatie niet doorging. Vervolgens werd er toen een voorstel besproken dat ik eerst een paar chemopillen per dag zou gaan slikken en om de paar weken een chemokuur. Maar de internist-oncoloog, prof. Van Laarhoven had twijfels bij die aanpak en vroeg zich af, omdat de uitzaaiing van 3 mm zo klein was, of je wel zou kunnen zien of de therapie geslaagd zou zijn.’ 

‘Laten we eerst eens zes weken wachten en dan nog een PET-CT-scan uitvoeren,’ zei prof. Van Laarhoven. En dat gebeurde.

Henk: ‘Gelukkig bleek de uitzaaiing op die scan verdwenen en gaf Van Laarhoven aan om zo snel mogelijk te opereren. Mijn operatie vond anderhalve maand later plaats en werd uitgevoerd door dr. Van Berge Henegouwen, dr. Gisbertz en dr. Eshuis. Zowel de ingreep als het herstel daarna verliep naar wens en na twee weken mocht ik naar huis. Na ongeveer 1,5 maand kreeg ik benauwdheidsklachten en een uitstulping in mijn buik, die leek op een groot eendenei. Ik meldde mij weer op het AMC en uit onderzoek met een PET/CT-scan bleek dat ik een buikwandbreuk had en een gat in mijn middenrif, waardoor darmen in mijn borstholte terecht waren gekomen. Ook waren er uitzaaiingen in mijn rechter bijnier. Dr. Eshuis opereerde mij en verwijderde de bijnier. Hij vertelde mij dat hij tijdens de operatie mijn blindedarm via de middenrif-breuk in mijn borstholte had aangetroffen. Die had hij vervolgens keurig teruggeplaatst en daarna het middenrif gesloten. Na een ziekenhuisopname van vijf of zes dagen heb ik thuis met behulp van de thuiszorg ruim zes weken gerevalideerd. Na die periode revalideerde ik verder bij het fysiotherapiecentrum LEEF in Zaandam, waar ik nog steeds twee keer per week naar toe ga.

Ook in het begin van de Coronacrisis was ik daar, waar men tussen de trainingsapparaten een ruimte van 1,5 meter had gecreëerd. Maar na een paar weken was ook dat niet meer toegestaan. Gelukkig ben ik sinds twee weken weer begonnen in LEEF. Het gaat goed met mij, maar ik moet wel opletten dat ik niet te veel eet. Anders ga ik kokhalzen.’

Kort voor zijn slokdarmkankerdiagnose in mei 2017 had wielerliefhebber Henk een driewieler met trapondersteuning aangeschaft, om weer eens heel voorzichtig te gaan fietsen. Henk: ‘Vóór mijn hersenbloeding in 2012 maakte ik op mijn racefiets tochten van 120 à 150 kilometer per dag. Maar daarna was het afgelopen. Qua conditie ben ik een schaduw in vergelijking met vroeger. En na alle problemen met mijn slokdarmkanker kon er natuurlijk van fietsen geen sprake zijn. Hopelijk kan ik in de toekomst van deze driewieler nog eens gebruik gaan maken. 

Mijn belangrijkste tip voor patiënten met slokdarmkanker: Blijf sporten! Houd je conditie op peil!’

Steun onze pioniers!

Investeer in ons onderzoek en draag bij aan betere vooruitzichten voor patiënten.

Klik de button en vul het formulier in

Direct doneren

 

Machtiging

Stel een vraag

Wilt u meer informatie, of heeft u een vraag over onze onderzoeken?

Laat het ons weten.

 

Stel uw vraag

 

© 2016 Slokdarm- en Maagkanker Fonds

Search